Soorten piano’s: akoestisch, elektrisch of digitaal?

Voor de toetsenisten is er tegenwoordig van alles te koop. We hebben piano’s, vleugels, orgels, keyboards, synthesizers, stage-piano’s, workstations, midi-klavieren . . . en waarschijnlijk kan deze lijst nog veel langer worden . . .

In diverse berichten zal ik de meest voorkomende ‘smaken’ behandelen. Vandaag kijken we naar het verschil tussen een akoestische piano en een elektrische– of elektronische piano. En om maar gelijk met dat laatste te beginnen, ja er is wel degelijk verschil tussen een elektrische en een elektronische piano!

Een elektrische piano is een mechanisch instrument, net als een akoestische piano. Anders dan de term ‘elektrisch’ doet vermoeden heeft deze piano geen stroom nodig, er hoeft geen stekker in het stopcontact. Het verschil met een akoestische piano is dat een elektrische piano het geluid van de snaren (of ‘tines‘, zoals bij de Fender Rhodes) in de vorm van een elektrische spanning opvangt. Deze wordt afgegeven aan een ‘uitgang’. Een elektrische piano heeft dus geen stroom nodig maar wekt als het ware een beetje stroom (geluid in de vorm van een lage spanning) op. Net als een elektrische gitaar. Met een snoer vanaf de uitgang van de piano naar een versterker kun je vervolgens dit ‘geluid’ versterken en zodoende weer horen. De elektrische piano geeft vanuit het eigen mechaniek ook echt geluid maar dat is heel zacht. Zonder versterking kun je geen groot publiek bedienen. Maar daar was het bij de opkomst van deze instrumenten ook voor bedoeld. Dat, én de draagbaarheid. Alhoewel we nu tegen deze instrumenten aankijken als ‘niet te tillen’. De bekendste zijn de Fender Rhodes (ca 60 kg) en de Yamaha CP70 (ca 125 kg). Ook de Wurlitzer kan ik hier nog noemen maar dit is wel een heel apart geval.

Deze instrumenten hebben door hun eigen klank uiteindelijk een speciale plaats gekregen binnen de muziekwereld. En zijn (tegenwoordig) niet zozeer meer een alternatief voor een akoestische piano. Ik zal aan elk van deze drie daarom nog apart een bericht wijden.

Een akoestische piano is de piano zoals we die eigenlijk allemaal wel kennen. Een houten instrument met snaren erin. Als je op een toets speelt gaat er in de kast een hamer tegen de bijbehorende snaar. De snaar trilt en dat geeft geluid. Dat geluid wordt ‘gekleurd’ en ‘versterkt’ door de houten klankkast (de zangbodem). Er komt geen elektriciteit aan te pas.

Als de snaren rechtop staan is het een piano, daar komt de engelse benaming ‘upright piano‘ vandaag.

Als de snaren plat liggen dan krijgt de piano een andere vorm. Wij noemen dat een ‘vleugel‘. Vanwege de vorm;-) In het engels is het een ‘grandpiano‘. De reden hiervoor is dat de snaren in dit geval langer gemaakt kunnen worden. En langere snare geeft meer ’toon’. Volume, dynamiek, laagte, diepte . . . De ‘grandpiano’ is groots in alles. De ultieme belevenis voor de (gevorderde) pianist. Omdat ze normaliter veel duurder zijn dan een ‘gewone’ piano om die reden ook een uiting van ‘luxe’. Of noem het ‘voor de elite’. Maar tegenwoordig is er genoeg 2de hands betaalbaar, alleen is dat niet altijd beter dan een (goede) piano.

Later zijn er ook kleinere vleugels gemaakt. Deze worden dan baby vleugel genoemd (korter dan 125 cm). Soms zijn ze zo kort dat ze uiteindelijk helemaal niet beter zijn dan een upright (90 – 110 cm hoog).

De akoestische piano is ‘the real thing‘. Qua ‘feel’, uitstraling en klank. Maar hij heeft voor de moderne mens wat nadelen: onderhoud (minimaal 2x per jaar stemmen), kan niet tegen temperatuur- /luchtvochtigheid wisselingen, niet draagbaar, moeilijk te versterken.

Daarom is er op enig moment – toen de popmuziek versterkt gebracht moest worden en de muzikanten hun eigen instrumenten naar optredens mee wilde nemen – gezocht naar alternatieven. De hierboven genoemde elektrische piano’s zijn hier voorbeelden van.

Maar inmiddels is er met de komst van ‘chips’, als in ‘computers’, een variant bijgekomen: de digitale piano. En dit is de elektronische piano. Anders dan de elektrische piano wordt de klank niet opgewekt door een mechaniek. Deze piano maakt dus ook geen geluid van zichzelf (anders dan het ‘rammelen’ van de – meestal plastic – toetsen). Hij moet met een stekker in het stopcontact (hij heeft elektriciteit nodig!) en moet altijd versterkt worden. Soms zit dat laatste er dan weer wel bij in d.m.v. ingebouwde speakers.
Het geluid wordt gemaakt door elektronica vergelijkbaar met een computer. Meestal op basis van ‘sampling‘. Dat betekent dat er geluid van een echte (=akoestische) piano is opgenomen en digitaal opgeslagen. Als je een toets indrukt wordt dat geluid ‘afgespeeld’.

 Deze digitale piano’s hebben vele voordelen: draagbaar, altijd op stemming, meerdere geluiden, in allerlei formaten te maken, van groot met een volledig 88 toetsen klavier voor de echte pianisten tot klein met een 32 toetsen klavier voor de DJ/Producer. O ja, die klavieren, zal ik daar ook een bericht over maken?

Yamaha akoestische piano
Yamaha vleugel of grandpiano
Fender Rhodes elektrische piano
Yamaha CP70 elektrische piano
Roland digitale piano voor thuis gebruik
Nord piano - digitale piano

Akoestisch

Upright piano

Akoestisch

Vleugel

Elektrisch

Fender Rhodes

Elektrisch

Yamaha CP70

Digitaal

Homepiano

Digitaal

Stagepiano